12/20/2012

Computer kan over vijf jaar voelen, zien, proeven, horen en ruiken

Ieder jaar maakt IBM in de maand december haar “5 in 5”-lijstje bekend: vijf technologiëen die de komende vijf jaar de wereld waarin wij leven radicaal veranderen. Deze innovaties worden aangeleverd door de eigen experts die wereldwijd in de diverse IBM onderzoekslaboratoria werken.

Dit jaar wijkt het lijstje voor het eerst af van de voorgaande “5 in 5”-lijsten. De nieuwe technologiëen die IBM voorziet staan namelijk direct met elkaar in verband. Ze zijn allen een op een gekoppeld aan de menselijke zintuigen. Niert voor niets duidt het bedrijf het komende tijdperk als “the age of cognitive computing”. De computer komt hiermee op een hoger niveau binnen de bekende DIKW-hiërarchie terecht. De computer was al van het niveau van dataverwerking naar informatieverwerking overgegaan. Nu komt ze echter terecht op het niveau van kennisverwerking. Dit nieuwe plafond vereist dat computers de wereld om ons heen begrijpen. Computers moeten het vermogen ontwikkelen om zelfstandig hun omgeving waar te nemen en er betekenissen aan toe te kennen. Dit waarnemingsvermogen kan alleen gerealiseerd worden wanneer de computer net als de mens beschikt over zintuigen. De computer moet in staat zijn om te zien, te horen, te ruiken, te proeven en te voelen om betekenis aan iets toe te kennen. Bedrijven als Google met Project Glass, Apple met Siri en Microsoft met Kinect begaven zich al eerder op dit gebied. IBM zet hier nu de komende jaren ook zwaar op in.

Smarter Planet op steroïden

 De afgelopen vier jaar stond het “Smarter Planet”-gedachtengoed hoog op de agenda van IBM. Smarter Planet is IBM’s visie op het “Internet of Things”. Smarter Planet geeft bedrijven en instellingen de instrumenten om orde te scheppen in de chaos om hen heen. Om de complexe wereld als het ware inzichtelijk te maken. Volgens IBM’s CIO Bernard Meyerson komen nu een aantal technologiëen tezamen die het oorspronkelijke Smarter Planet gedachtengoed doen verbleken. Het tijdperk van “cognitive computing” is Smarter Planet, maar dan op steroïden.

Een van de meest interessante aspecten van deze verschuiving is het vermogen van machines om de rechterkant van het menselijk brein na te bootsen en te versterken. Hebben computers mensen in het verleden geholpen om beter te begrijpen hoe de wereld in elkaar steekt. Nu komen een aantal nieuwe technologiëen bij elkaar, die het mensen mogelijk maakt om dingen nog beter te begrijpen op een veel dieper niveau dan ooit tevoren. Met als directe gevolg dat mensen in staat zijn om nog betere beslissingen te nemen.

Leftrightbrain
Technologie verbetert de mens 

De visie van IBM sluit naadloos aan op het beeld dat Eric Schmidt, de voormalig CEO van Google ons al enige tijd voorhoudt. Schmidt spreekt over “Augmented Humanity”: “So in this notion of augmented humanity, of Google helping, computer companies helping, it´s not a new idea. It´s been around along time, Bill Gates in 1990 in Comdex called it “Informa-tion at your Fingertips”. All the information someone might be interested including information thay they can't get today. An we're nearly there, which is what's so profound. An literally, you can know literally everything. It's fantastic right? And this is only going to become more pervasive. Think about it as hearing, speaking, thinking, augmenting the way you understand things, all of it literally available to you now. That's the big change, because of the combination of the mobile device, the network and these supercomputers.”

 Zelflerende vermogen van systemen 

In de komende jaren zullen computers nog meer bedreven worden in het omgaan met complexiteit. In plaats van afhankelijk te zijn van mensen die regels code in het geheugen zetten, programmeren computers zichzelf, zodat ze zich nog beter kunnen aanpassen aan de veranderende omgeving en de gestelde verwachtingen. Computers leren zelfstandig door te interacteren met gegevens in al haar verschillende hoedanigheden: getallen, tekst, video, enzovoorts. In toenemende mate worden ze zo ontworpen dat ze steeds meer op dezelfde manier denken zoals wij mensen dat doen. Inmiddels kennen we al een aantal van dit soort voorbeelden: zelfsturende auto’s, het neurale netwerk van Google dat zelfstandig katten herkent en de wijze waarop Microsoft gesproken taal realtime vertaalt. Al deze systemen nemen de wereld waar met digitale sensoren die de menselijke zintuigen overstijgen. Volgens IBM’s Meyerson hoeven we echter niet bang te zijn dat het menselijk intellect vervangen wordt door een kunstmatig brein. Ons biologische brein wordt alleen versterkt op die fronten waar het zwak in is: “in the era of cognitive systems, humans and machines will collaborate to produce better results–each bringing their own superior skills to the partnership. The machines will be more rational and analytic. We’ll provide the judgment, empathy, morale compass and creativity.”

 Technologie verandert de mens 

Marshall McLuhan, het orakel van het electronische tijdperk, verkondigde ooit: “All media are extensions of some human faculty. Mental or physical. The wheel is an extension of the foot. Book is an extension of the eye. Clothing is an extension of the skin. Electric circuitry is an extension of the central nervous system. The extension of anyone’s sense, displaces the other senses and alters the way we think. The way we see the world and ourselves. When these changes are made, men change.” Doordat technologie steeds meer onze natuurlijke interface – onze zintuigen – versterkt, gaan we een steeds intiemere relatie met informatie aan. Informatietechnologie kruipt letterlijk onder onze huid. Onze relatie met informatie wordt symbiotisch. De een kan niet zonder de ander. Het zal er uiteindelijk toe leiden dat we als mens zullen veranderen. Hopelijk is dit ten goede, zoals IBM’s Meyerson aan het einde van zijn blogpost schrijft: “[...] I don’t believe that cognitive systems will usurp the role of human thinkers. Rather, they’ll make us more capable and more successful–and, hopefully, better stewards of the planet.”

Posted by Sander Duivestein on december 20, 2012 at 09:47 vm | Permalink | Reacties (0)

11/20/2012

Is Google God?

Steve Wozniak, medeoprichter van Apple, was een van de sprekers tijdens de vierde editie van TEDx Brussel.  Aan het einde van zijn presentatie maakte hij de volgende opmerking: "Nowadays, where do you go to ask questions? The answer starts with ‘GO’, and it’s not God." Het antwoord op deze vraag mag duidelijk zijn. In Wozniak zijn ogen is Google de “Alwetende”. 

 

De vraag of Google God is, is al sinds het bestaan van ‘s werelds grootste zoekmachine gesteld. Er is zelfs een website http://www.isgooglegod.com in het leven geroepen die een overtuigend antwoord geeft op deze vraag. 

De opmerking van Wozniak zet echter wel tot nadenken aan. Google bestaat volgend jaar 15 jaar, en in deze korte tijd is de zoektechnologie een onmisbaar onderdeel van ons dagelijks leven gaan vormen. We kunnen niet leven zonder Google. Google is alwetend en alomtegenwoordig. 

De kerk van Google

Matt MacPherson richtte in augustus 2006 de website http://www.thechurchofgoogle.org op. Tijdens een griepje verveelde hij zich stierlijk en uit pure balorigheid bedacht hij de website. Op de voorpagina van de site is het volgende te lezen: 

We at the Church of Google believe the search engine Google is the closest humankind has ever come to directly experiencing an actual God (as typically defined). We believe there is much more evidence in favour of Google's divinity than there is for the divinity of other more traditional gods. We reject supernatural gods on the notion they are not scientifically provable. Thus, Googlists believe Google should rightfully be given the title of "God", as She exhibits a great many of the characteristics traditionally associated with such Deities in a scientifically provable manner.” 

De traditionele goden hebben volgens MacPherson afgedaan. Wetenschappelijk gezien valt er geen bewijs te leveren dat deze goden bestaan. Google daarentegen bezit wel veel van de eigenschappen die normaliter aan goden worden toegewezen en Google is gebaseerd op gedegen wetenschappelijk onderzoek. MacPherson heeft zelfs negen bewijzen om aan te tonen dat Google god is. Zo is Google onder andere omniscient, omnipresent, onsterfelijk, oneindig, vergeet ze niets en beantwoord ze gebeden. Volgens MacPherson moet Google dus welhaast God zijn. Vandaar dat hij een kerk voor het bedrijf heeft opgericht.

In het boek Church in an Age of Crisis” van James Emery White is zelfs een compleet hoofdstuk gewijd aan de vraag of Google God is. Ook White verwijst naar de invloed die websites als Facebook en Google op ons leven uitoefenen. Volgens White dichten we ze goddelijke kwaliteiten toe. We zijn niet alleen gefascineerd door hun macht, maar net zoals de oude Israëlieten voor de altaren van Baäl knielden, buigen en aanbidden we hen.

Iedereen die ooit heeft gekeken naar de introductie van een nieuw Apple produkt, zal zich de kreten van bewondering herinneren, de “oohs” en “ahhs” zijn dan niet uit de lucht gegrepen. Een complete cultus van ultieme verering is in de afgelopen jaren rondom het merk Apple ontstaan. Volgens wetenschappelijk onderzoek veroorzaakt het merk Apple dezelfde chemische reactie in onze hersenen als een diepgaande  religieuze beleving. En in het geval van Apple is Steve Jobs de messias. 

De toekomst van Google

Terug naar de vraag van is Google God? Op 1 mei 2002 deed Larry Page, medeoprichter van Google en tegenwoordig de CEO van het bedrijf, in een vraag-en-antwoord sessie op de Stanford Universiteit zijn toekomstvisie van Google uit de doeken: “The mission that I laid out for you will take us a little while, since that’s AI-Complete. I don’t know if you guys know what it means? It means artificial intelligence. [...] If you solve search, you can answer any question, that means that you can do basically anything.” In 2006 liet Page weten dat Google pas vijf procent van dit ultieme einddoel had gerealiseerd: People always make the assumption that we're done with search. That's very far from the case. We're probably only 5% of the way there. We want to create the ultimate search engine that can understand anything. Some people could call that artificial intelligence."  Een lange weg moet nog afgelegd worden voordat Google zichzelf AI Complete kan noemen.

Sinds 2006 heeft Google echter de nodige meters afgelegd in het verwezenlijken van haar stip op de horizon. In het laboratorium van het ultrageheime GoogleX wordt nu de lancering van een aantal produkten voorbereid die volledig gebaseerd zijn op vergaande kunstmatige intelligentie technologieen. Denk maar aan de zelfrijdende auto’s van Google, maar ook aan de Knowledge Graph in combinatie met Google Now en Google Glass. Het heeft er alle schijn van dat het einddoel van Google aanzienlijk dichterbij is dan een aantal jaren geleden. Vraag is alleen nog wanneer de kunstmatige intelligentie van Google zelfbewust wordt.

Posted by Sander Duivestein on november 20, 2012 at 10:48 vm | Permalink | Reacties (0)

11/12/2012

Publiek is de nieuwe default

In de film The Social Network, een film over het ontstaan van Facebook, maakt Sean Parker het volgende statement: ‘We used to live on farms, then in cities. Now we live on the Internet.’ De meeste tijd van ons digitale leven brengen we met name door in sociale netwerken. Iedere keer wanneer we een van deze websites bezoeken laten we informatie over onszelf achter. Deze netwerken verdienen vervolgens grof geld doordat ze onze privacy verhandelen. Privacy is de nieuwe munteenheid in deze digitale wereld.

Mark Zuckerberg, de CEO van Facebook, liet zich in januari 2010 in een interview met TechCrunch oprichter Michael Arrington als volgt uit over privacy: ‘People have really gotten comfortable not only sharing more information and different kinds, but more openly and with more people. That social norm is just something that has evolved over time.’ In de ogen van Zuckerberg is privacy geen issue. In het huidige tijdperk bestaat privacy simpelweg niet meer. Vroeger kon je ´s avonds nog je gordijnen dichtsluiten en kon niemand bij je naar binnen kijken. In het digitale tijdperk heeft dit geen zin meer. De gordijnen gaan  niet meer dicht. Iedereen kan altijd naar binnen kijken. Of je nu wilt of niet. Publiek is de nieuwe default.

Het is niet vreemd dat Zuckerberg zo denkt. In het artikel ‘What Facebook Knows’ beschrijft Tom Simonite dat Facebook boven op een gouden berg aan data zit. Volgens Simonite moet Facebook alleen nog een manier vinden om alle mogelijke inzichten die ze kunnen verkrijgen uit deze overvloed aan data te verkopen: ‘One potential use of Facebook’s data storehouse would be to sell insights mined from it. Such information could be the basis for any kind of business. Assuming Facebook can do this without upsetting users and regulators, it could be lucrative.’

Aan het begin van oktober 2012 lanceerde Febelfin, de Belgische federatie van de financiële sector, een online campagne om bewustzijn te creëren voor het feit dat persoonlijke data tegenwoordig op straat ligt. In het onderstaande filmpje verrast waarzegger Dave zijn gasten door allerlei weetjes uit hun priveleven op te diepen. Informatie die hij onmogelijk kan weten. Aan het einde van het filmpje wordt duidelijk waar Dave zijn kennis vandaan haalt.

 

De wereld van sociale netwerken doet sterk denken aan het panopticon (Grieks voor ‘alziend’), een architectonisch principe beschreven door de Engelse verlichtingsfilosoof Jeremy Bentham in 1791. Een panopticon maakt het mogelijk groepen te controleren, te disciplineren, te bewaken, te bestuderen, te vergelijken en te verbeteren. Het gebouw bestaat uit een toren met daaromheen een ring van cellen. Die hebben twee ramen: één naar buiten en één naar de toren toe. Eén opzichter in de toren volstaat om elke bewoner te bewaken, te kennen en te beheersen. We hoeven niet ver te zoeken voor de vergelijking met Facebook: door het raam naarbuiten voeden wij Facebook met de data waarop het platform draait, door het raam naarbinnen beheert Facebook onze digitale dataschaduw zonder dat wij de controle hebben over het gebruik en de exploitatie ervan.

‘Visibility is a trap’, schreef de Franse filosoof Michel Foucault en op het sociale web wordt dat steeds actueler. We geven onze data af aan willekeurige webplatformen en ‘if you are not paying for the service, you are the product’.

Op 1 oktober 2012 zag de minfilm Plurality het levenslicht op YouTube. De film verhaalt over het ultieme sociale netwerk. Een netwerk waarin alles en iederaan aan elkaar gekoppeld is op basis van ieders unieke DNA:

‘It has been two years since the Bentham grid has gone online in New York City. It was a technological marvel. The grid takes all those things unique to you. Your social security number, your passport, your debit and credit accounts and links them to one thing. Your DNA.

With just a touch the grid collects a tiny sample of your genetic material, ID-ing you instantly. Then a purchase can be deducted from your personal accounts or you can unlock and start your car. And it all works within a margin of error of 0.001 percent. The ultimate social netwerk. No cash has to change hands, no ID cards have to be shown, no keys have to be carried. Today you can´t do anything in New York City without the Grid knowing who you are and where you are.’

 

In de wereld van Plurality bestaat privacy niet meer. Het netwerk weet alles. Het is de ultieme verwezenlijking van Benthams visie, een panopticon op steroïden. Big Brother is waarheid geworden. Vraag is of wij in de toekomst in zo’n wereld willen leven?

Posted by Sander Duivestein on november 12, 2012 at 10:29 vm | Permalink | Reacties (0)

12/29/2011

Voorbij informatie aan je vingertoppen

In de herfst van 1990 tijdens de COMDEX conferentie onthulde Bill Gates in zijn toespraak “Information at Your Fingertips” zijn visie op de toekomst van computers. In deze speech vertelt Gates hoe kenniswerkers – dankzij de desktop pc en de daarop geïnstalleerde software – niet alleen informatie kunnen consumeren, maar ook produceren: “My name for this vi­sion is ‘Information At Your Fingertips’. When I say information here, I mean it in a very broad sense. I mean all the information that someone might be interested in, including information they can’t even get today.”

Bill Gates. foto: EPA

In zijn toespraak stond het gebruik van de personal computer centraal. Dit kon ook niet anders aangezien pas een paar maanden later – op 25 december 1990 – Tim Berners-Lee zijn hersenspinsel het World Wide Web realiseerde. Op die dag slaagde Berners-Lee er namelijk in om een client met een server te laten communiceren via het HTTP-protocol.

In 1994 tijdens de COMDEX conferentie herhaalde Gates zijn visie. Dit keer verwerkte hij het Internet wel in zijn verhaal. Ook noemde hij het jaar 2005 als het tijdstip waarop zijn visie werkelijkheid zou worden. Niet voor niets was de titel van zijn speech “Information at Your Fingertips 2005”. In het jaar 2005 zou volgens Gates de PC veranderd zijn in een klein appa­raat dat er uitziet als een televisie en dat we voortdurend bij ons dragen. 

“The center of this will be the idea of digital convergence. That is, taking all the information– books, catalogs, shopping approaches, professional advice, art, movies, and taking those things in their digital form, ones and zeroes, and being able to provide them on demand on a device look­ing like a TV, a small device you carry around or what the PC will evolve into. All of these form factors will count.”

 Pas in het begin van 2007 zou de visie van Gates gerealiseerd worden. Helaas voor Gates was het niet Microsoft die hier in slaagde, maar één van zijn naaste concurrenten. Op 9 januari 2007, tijdens de Macworld Conference and Expo, introduceerde Steve Jobs de allereerste versie van de iPhone. Een revolutionair toestel dat niet alleen een muziekspeler, maar tegelijkertijd ook een telefoon en een Internet communicatie apparaat was:

 “Every once in a while, a revolutionary product comes along that changes everything. … Well, today, we’re introducing three revolutionary products of this class.The first one: is a widescreen iPod with touch controls. The second: is a revolutionary mobile phone. And the third is a break­through Internet communications device. So, three things: a widescreen iPod with touch controls; a revolutionary mobile phone; and a breakthrough Internet communications device. An iPod, a phone, and an Internet communicator. An iPod, a phone … are you getting it? These are not three separate devices, this is one device, and we are calling it iPhone. Today, today Apple is go­ing to reinvent the phone.”

De iPhone is echter veel meer dan de bovenstaande drie dingen. Dankzij de Apple App Store – die overigens pas in juli 2008 werd geopend - is de iPhone veranderd in een multifunctio­neel apparaat. Je kunt het zo gek niet bedenken of er bestaat wel een app voor. Variërend van het spel Angry Birds; tot iSnipe, een ballistische rekenmachine voor geweerliefhebbers; tot aan iChart EMR, een applicatie voor doktoren voor het bijhouden en raadplegen van patiënt­gegevens. De iPhone is de digitalisering van het Zwitsers zakmes, maar dan in gepersonali­seerde vorm.

Iphone. foto: ANPTen tijden van de dood van Steve Jobs werd ik geinterviewed door het Algemeen Dagblad. De journalist wilde van mij weten wat Jobs grootste uitvinding was. Mijn antwoord was als volgt: “Jobs heeft de mensheid twee nieuwe gebaren gebracht, die de meeste van ons alle dagen maken. Het bladeren met je duim op een scherm door allerlei toepassingen heen, en het vergroten van tekst op je schermpje met duim en wijsvinger. Het zit nu net zo in ons als pakweg je duim omhoogsteken ter goedkeuring. Als de iPhone en de iPad straks niet meer bestaan, zullen zijn gebaren er nog zijn.”

We staan nu aan de vooravond van het Post-PC tijdperk. Een tijdperk dat gekenmerkt wordt doordat we op een andere manier met informatie omgaan. Niet langer is er een armlengte afstand tussen toetsenbord en mens. De smartphone zit in onze broekzak, hebben we altijd bij ons, staat altijd aan en vormt zodoende een uiterst intieme relatie met ons wezen en ons zijn. Nieuwe interfaces zoals de Kinect met haar bewegingssensoren, Siri met haar spraakherkenning, maar ook breininterfaces veranderen de wijze waarop we informatie registreren en manipuleren. Informatie wordt steeds meer een zesde zintuig. Het verandert ons gedrag en daarmee de wijze waarop we denken. Als dit gebeurt, dan verandert het de mensheid en daarmee de wereld. 

Genoeg om naar uit te kijken dus in 2012!

Posted by Sander Duivestein on december 29, 2011 at 10:03 vm | Permalink | Reacties (0)