« Het spijt me | Hoofdmenu | Gelijke monniken, gelijke kappen? »

14 maart 2012

Gesloten deuren: goed en soms lastig

Het is een groot goed dat de meeste zittingen in een rechtbank openbaar zijn. Ik schreef hier al eerder over. Publiek kan met eigen ogen de rechter, maar ook de officier van justitie en advocaat aan het werk zien en zo hun werk controleren. Toch is het goed dat belangstellenden bij sommige zaken juist niet aanwezig mogen zijn. Dat geldt bijvoorbeeld voor de voorgeleiding van een verdachte bij de rechter-commissaris of de raadkamer gevangenhouding.

Wanneer de officier van justitie een verdachte na zijn arrestatie langer wil vasthouden, moet hij daarvoor toestemming hebben van de rechter-commissaris (rc). Die hoort de verdachte in zijn kabinet. Als de rc oordeelt dat er voldoende ernstige verdenking bestaat tegen de verdachte en er zijn wettelijke redenen om hem in voorarrest te houden, dan geeft de rechter-commissaris toestemming voor veertien dagen voorarrest. Wil de officier van justitie een verdachte nog langer vasthouden, dan moet hij daarvoor toestemming hebben van drie rechters. Die raadkamer kan een verdachte maximaal negentig dagen voorlopige hechtenis opleggen. Daarna moet een verdachte op een openbare zitting verschijnen voor de behandeling van zijn zaak.

Let wel: Op het moment dat de rechter-commissaris naar de zaak kijkt, hoeft nog niet vast te staan dat de verdachte het feit ook daadwerkelijk heeft gepleegd. Vaak loopt het politieonderzoek nog. De rc kijkt alleen of er op dat moment in de informatie die dan beschikbaar is sterke aanwijzingen zijn voor zijn betrokkenheid. Als het onderzoek verder gevorderd is, kunnen andere feiten naar boven komen, die zo’n verdenking bevestigen maar ook onderuit kunnen halen.

Digitale schandpaal

Ik herinner me een geval waarbij alles er op wees dat de man die werd voorgeleid inderdaad een vrouw had verkracht. Hij legde tegenstrijdige verklaringen af en met nog andere informatie leek dat ruim voldoende om hem voorlopig langer vast te houden. Toch bleek enige tijd later uit DNA-onderzoek dat de man de dader helemaal niet kon zijn geweest.

Was het verhoor door de rc en de raadkamer openbaar geweest, dan was de man waarschijnlijk al aan de digitale schandpaal genageld, ging zijn naam als een lopend vuurtje over internet en kwam hij waarschijnlijk nooit meer van het etiket verkrachter af. Geheel onterecht. Ook al ben ik een groot voorstander van openbaarheid, toen wist ik weer waarom het heel goed is dat de wetgever heeft bepaald dat dit soort zaken achter gesloten deuren wordt behandeld.

Overigens: Dat een zaak achter gesloten deuren wordt behandeld, betekent soms ook dat we als persvoorlichters in een lastig parket kunnen raken. Bijvoorbeeld wanneer op internet allerlei aannames en beschuldigingen rondzingen over een verdachte waarvan wij weten dat die niet kloppen. Ook al jeuken onze handen om de juiste feiten naar buiten te brengen, ook persvoorlichting dient de beslotenheid te respecteren en terughoudend te zijn in de informatieverstrekking.



 

 

Posted by Brabants Dagblad on maart 14, 2012 at 10:02 vm | Permalink

Reacties

De reacties op dit bericht zijn afgesloten.