« juli 2014 | Hoofdmenu | september 2014 »

20 augustus 2014

Vroeg opstaan

In de rechtbank Oost-Brabant werken zeven rechter-commissarissen in strafzaken. Ik ben er één van. Een jaar geleden, toen ik net begon, heb ik in mijn blog al iets verteld over mijn werk. Zo is een van mijn taken te beoordelen of de politie een woning mag doorzoeken, bijvoorbeeld omdat het vermoeden bestaat dat daar voorwerpen liggen die verband houden met een misdrijf.

Zo’n huiszoeking is vaak erg ingrijpend voor de bewoners, onder wie ook regelmatig jonge kinderen. Ga maar na: zonder dat je er toestemming voor hebt gegeven lopen er ineens allemaal vreemde mensen in je huis rond die overal op en onder kijken en alle kasten en laatjes opentrekken. Dat is voor de meeste mensen geen prettige ervaring. Vandaar dat in de wet staat dat een rechter-commissaris moet oordelen of zo’n doorzoeking zonder toestemming van de bewoner noodzakelijk is. De politie of het Openbaar Ministerie mogen daarover dus niet zelf beslissen.

Rol vuilniszakken
Naast dat ik toestemming moet verlenen, heb ik ook de leiding tijdens die doorzoeking en beslis ik uiteindelijk welke voorwerpen in beslag mogen worden genomen. Het kan dan gaan om een computer, om mobiele telefoons, om verdovende middelen of om contant geld of gestolen voorwerpen. Het komt ook voor dat kleding in beslag wordt genomen of een rol vuilniszakken of messen of schoonmaakmiddelen. Alles wat van belang kan zijn voor de waarheidsvinding nemen we mee, ook al is de eigenaar van die zaken daar vaak niet blij mee.

Ik heb het afgelopen jaar al veel doorzoekingen geleid. Het is steeds een verrassing wat je aantreft. Laatst was ik aanwezig bij een onderzoek toen een politieagent nietsvermoedend een kussen van de bank optilde en daar ineens een vuurwapen te voorschijn kwam. We schrokken daar wel even van: je treft niet elke dag zomaar een vuurwapen aan op de bank in de huiskamer.

Uit bed gebeld
Als de politie ook een verdachte wil aanhouden, betekent dit dat we de doorzoeking in de vroege ochtend houden. Dan hebben we simpelweg de meeste kans dat een verdachte thuis is. En zo komt het dat ik regelmatig om zes uur ‘s ochtends met de griffier, de officier van justitie en de politie aanbel bij een woning. Soms nog vroeger, als een officier van justitie me uit bed belt en me vraagt met spoed te komen, bijvoorbeeld omdat er iemand in een woning is bedreigd met een mes en de politie zo snel mogelijk op zoek wil naar het wapen om het veilig te stellen.

Voordat u gaat denken dat ik dan wel erg veel slaap te kort zal komen: als rechter-commissaris heb je gemiddeld eens in de anderhalve maand ‘zoekdienst’. En in die week loop je de kans vroeg uit de veren te moeten of uit bed te worden gebeld voor een doorzoeking. Dat is soms vermoeiend, maar meestal vind ik juist dat aspect van het werk heel boeiend. Dat maak je als zittingsrechter niet mee. De eerste keer dat ik tijdens mijn ‘zoekweek’ uit bed werd gebeld, was het trouwens niet de officier van justitie maar een van mijn dochters die in de trein in slaap was gevallen en op het station ‘s-Hertogenbosch was gestrand. Of ik haar wilde komen ophalen….

Posted by Brabants Dagblad on augustus 20, 2014 at 10:22 vm | Permalink | Reacties (2)